Brollie & Broomie Dull and Overstimulate

De Broomie mag terug naar de crèche, en het is alsof hij nooit weggeweest is. Vorige week en deze week ging hij enkel op de momenten dat ik buitenshuis werkte, maar vanaf volgende week mag hij opnieuw elke dag (denk ik? Zoals alles deze tijden, is het onzeker). Dat verlicht ons leven al enigszins. Al geef ik toe dat ik niet meer precies weet wat ik wil: meer rust? Of minder rust?

Want in de eerste plaats, dat geef ik grif toe, verveel ik me. Kinderen zijn heel leuk, en zo, maar een hele dag spelen, nee, daar slaag ik niet in. Iets nuttig of productief doen zou leuk zijn, maar dat komt er zelden van. Nu wel (ja, dit telt als productief zijn), al is het met horten en stoten, terwijl de jongens naar de psychologische horrorfilm ‘Pinocchio’ kijken; die ezeltransformatie! Een walvis met tanden! ’s Avonds lukt een mentale inspanning zelden, ook als de jongens goed gaan slapen. Als ze niet goed gaan slapen, dan wordt het de-escaleren van de situatie de avondactiviteit. Gaan lopen, dat komt er af en toe wel eens van. En binnenkort naar dat ene gezin waar we een beetje mee samengesmolten zijn, op een respectabele anderhalve meter afstand wanneer mogelijk, voor een bordspelletje.

IMG-20200507-WA0002
KEEP YOUR DISTANCE!

Anderzijds blijf ik elke onderneming met de kinderen die afwijkt van de routine stresserend vinden. Zelfs als de Broomie gewoon rondloopt in het park, hou ik voortdurend mijn hart vast, in de hoop dat het kan helpen voorkomen dat hij aangereden wordt door een fiets, of met de ogen open in een rivier waggelt. Maar ook de routine blijft stresserend, of toch alleszins enorm prikkelend en bij momenten ook overprikkelend. Want jeetje, zo’n kinderen kunnen veel lawaai maken en doen dit vooral onafgebroken.

Ja, sorry, ik heb besloten dat ik mag klagen, ook al hebben (veel) andere mensen het (veel) zwaarder. Voor deze pandemie had ik mijn leven zo ingedeeld dat ik geregeld uren had waarin ik helemaal alleen was zonder al te expliciete verplichtingen. Die uren zijn volledig verdwenen, en ik mis ze. Wandelingen in het park zijn ook leuk, maar toch niet echt hetzelfde.

Toch is het niet al kommer en kwel. Gelukkig maar. Perspectief zou uiteraard leuk zijn; de Brollie zal waarschijnlijk pas echt terug naar school mogen in september. Er vallen evenwel genoeg leuke momenten te rapen, met onze schattige en relatief brave kinders. En als the Missus of ik het even niet meer zien zitten, creëren we een beetje rust en afstand voor de ander. Maar eerlijk? Iedereen hier in huis zou graag andere leeftijdsgenoten zien.

Brollie & Broomie Have an Opinionated Father

Geen leuke kinderverhalen deze keer; enkel wat tristesse over de komende weken. Maar ik zet er wel een leuke foto bij.

De Belgische exitstrategie is even triestig als voorspelbaar. Met één persconferentie staat de mens weer volledig ten dienste van de economie, het voortschrijdend inzicht van de afgelopen decennia dat er meer nodig is voor een gezonde gemeenschap ten spijt. Je kan het moeilijk op de experts steken. In een groep virologen en economen wordt de mens nu eenmaal snel herleid tot een homo economicus annex virale incubator. Maar hier staan we wel weer, van de ene dag op de andere, terug in een maatschappij met enkel onafhankelijke gezinseenheden die in de eerste plaats bestaan uit werknemers, in de tweede plaats uit consumenten en tot slot, als er nog een beetje energie over is, uit sociale wezens.

Hoe is het anders te verklaren dat alle winkels opnieuw opengaan voor er zelfs maar overwogen wordt om vrienden of familie te bezoeken? Welke zinnige uitleg is er te bedenken dat je golfclubs mag kopen in de winkel en naar de golfclub mag gaan, allemaal onder het mom van een essentiële verplaatsing, maar dat je niet in het park mag gaan picknicken? Het zou grappig zijn als het niet zo schrijnend was, dat consumeren blijkbaar belangrijker wordt geacht dan sociaal contact.

IMG_20200427_100542
For my next trick, I will consume this banana.

Er zijn veel mensen die het in deze tijd extra moeilijk hebben. Ik heb zelf een peuter en een kleuter rondlopen, dus daar denk ik zelf het eerste aan, want het moet gezegd: het is ondertussen best zwaar om voortdurend, zonder onderbreking, aan alle zorg voor mijn kinderen op te nemen en zo veel mogelijk aan hun noden tegemoet te komen. Alle noden lukt uiteraard niet, want een kind heeft veel meer nodig dan enkel hun ouders. Klagen is echter geen optie, omdat ik me maar al te goed bewust ben van mijn luxepositie: twee ouders, deeltijds werk, een huis met een tuin en afzonderingsmogelijkheden, en een gigantisch park op een boogscheut van de voordeur. Er zijn ontelbare gezinnen die al deze luxe niet hebben, die niet geholpen zijn met tuincentra en partijtjes tennis. Zowat alle mogelijke oplossingen voor de zorg van kinderen (nog los van hun pedagogische noodzaak om andere mensen en leeftijdsgenootjes te zien) vloeien voort uit een sociaal netwerk, een netwerk waar iedereen nu al weken van afgesneden is. Laten we wel wezen: de veiligheidsraad heeft alle kwetsbare groepen alleen wat lippendienst bewezen, maar geen enkel perspectief geboden.

In de komende weken zal er voor veel mensen (waar ik al dan niet bij hoor) maar één mogelijkheid zijn om het leefbaar te houden: de regels met de voeten treden en toch opnieuw dat sociaal netwerk aanspreken. Sommigen zullen ziek worden, in de winkel of in het huis van hun familie, maakt niet uit, dat is onontkoombaar. Maar hoeveel mensen zullen er daarna bij de contact tracing liegen? Hoevelen zullen doen alsof ze zich toch aan de regels hebben gehouden, en zullen niet het volledige plaatje durven geven? Hoeveel besmettingen gaan we op deze manier missen, omdat men niet kon inschatten waar mensen het meeste nood aan hebben?

Deze exitstrategie gaat diepe wonden slaan, los van de eigenlijke pandemie, en die wonden gaan lange tijd onder het oppervlak etteren. Uiteindelijk zal het ons veel meer geld kosten dan deze kortzichtigheid ons oplevert. Om van het menselijk leed nog maar te zwijgen. Want dat is blijkbaar bon ton.

Brollie & Broomie Could Use a Village

Er zit enige regelmaat in onze dagen, nu de vierde week van ons isolement voorbij glibbert, vormloos en vol momenten waarop je het doelbewust negeert. Zo’n dag begint meestal met havermout. Het zou beter zijn als de dag begon met de Brollie die zijn luier uitdoet en even op het toilet gaat zitten. Maar op die momenten, voor de koffie, kunnen we nog niet al te veel druk leggen op onze kinderen. De Broomie krijgt wel een nieuwe luier, omdat hij nu eenmaal kleiner is en zijn protest nietig blijkt in het aanschijn des ouders. Dan snel havermout en melk bestralen met microgolven en er wat vloeibare vitamine D bij. Behalve als de Brollie een boterham wil. Dat gebeurt soms, en het mag, maar we duwen dat moment vooruit tot de Broomie al wat havermout in en rond zijn mond heeft, want uiteraard wil hij ook wat zijn broer heeft. The Missus eet pas als de kinderen klaar zijn, maar toch komen ze steevast terug om de boterhammen van haar bord en uit haar mond te eten.

Willen wat de andere heeft, dat werkt in beide richtingen, en de Brollie heeft ondertussen door dat als eerste iets vasthebben speciale rechten geeft. Dus nu gebeurt het dat hij iets uit de handjes van de Broomie trekt en vervolgens uit volle borst “Ik had het eerst!” roept tegen de nu luid krijsende Broomie. Zo duidelijk zijn de ruzies niet altijd, ook wel omdat ik me af en toe afzijdig probeer te houden. Dan kom ik me pas moeien als het al wat ontspoord is, met zulke ouderlijke parels als “Je mag je broer niet slaan”, “Ga van je broer af” en de immer nutteloze “Als jullie niet samen kunnen spelen, ga dan gewoon een beetje verder uit elkaar zitten”. Dit speelt zich meestal af tussen acht en negen uur ’s ochtends, na het ontbijt, als ik rustig een koffietje wil drinken en de keuken wat probeer op te ruimen. Niet makkelijk als je de hele tijd parels moet gaan uitstrooien.

IMG-20200417-WA0010
When I ask them to listen to me …

Vervolgens wordt er aangekleed, wat meestal verrassend vlot gaat. Misschien omdat de kinderen daarna gelucht worden. Met loopfiets en kinderwagen doen we een grote wandeling door het park. De Brollie wil racen, dus dan ren ik met de kinderwagen naast hem. Tot mijn opluchting ben ik nog steeds sneller, ook als ik de Broomie moet voortduwen. Ik geniet ervan zolang het duurt. Soms komen we een klasgenootje van de Brollie tegen. Op die momenten verlies ik alle autoriteit en zit er niets anders op dan de Brollie te volgen die zijn klasgenootje volgt. Ik berust en praat met de ouders; nog nooit zo’n lange gesprekken gevoerd met de ouders van zijn klas. De Broomie hou ik tijdens dit alles in zijn kinderwagen, wat lukt zolang we in beweging blijven. Het probleem is niet zozeer dat hij eruit wil, maar wel dat hij er niet meer in wil achteraf. Uiteindelijk ronden we de wandeling af, in het beste geval vóór de Brollie moe is en ik zijn fiets moet dragen, en gaan we terug naar huis.

Dan fruit (voor de kinderen) en opruimen (voor mij, meestal) en dan boterhammen. En dan terug naar bed. De Broomie protesteert soms, maar gaat over het algemeen vrij vlot slapen, en slaapt dan ook een uur of twee, drie. Pro-tip: doe hem nog geen luierbroekje aan, want als je hem gaat halen staat hij soms (of toch één keer) met zijn luier in de hand; “Kaka ‘daan!” De Brollie is een wispelturiger beestje in dat opzicht. Als hij zegt dat hij op zijn kamer wil slapen, bedoelt hij dat hij daar wil spelen om vervolgens zijn broer wakker te maken. En leggen we hem bij ons in bed, met onszelf er schijnslapend naast, dan is het een kwestie van bidden en chance of hij al dan niet ook een dutje gaat doen en er een uurtje rust afgepingeld kan worden. Sinds deze week lijkt zelfs dat geen optie, en mag hij gewoon wakker blijven. Vaak is de Brollie dan al zo moe, dat er een voortdurende, ongefilterde stream of consciousness uitkomt, veelal over ‘zijn feest’, waarop we alle drie uitgenodigd zijn (als we niet te streng zijn) en waar chocolade en bananentaart zal zijn. Die woordenbrij kan hij makkelijk een half uur tot een uur aanhouden, al onze ‘tijdens het dutje van de Broomie voorzien de ouders geen entertainment’ ten spijt. Maar ach, één kind is al veel makkelijker dan twee kinderen.

Eens de Broomie wakker wordt (of wakker gemaakt wordt, die keren dat hij meer dan drie uur slaapt), is het tijd voor een film. Hoera! Iedereen blij! Momenteel hebben we er drie op rotatie: de poes en de muis (Tom & Jerry), de leeuw (De Leeuwenkoning) en de vis (Finding Nemo). Dit blijkt een stuk bevorderlijker voor ieders gemoed dan series kijken, waar er voortdurend onderhandeld moet worden over al dan niet nog eentje, en het vaak eindigt met een slecht humeur bij iedereen. Een film is duidelijk afgelijnd, vaak beter gemaakt (looking at you, Paw Patrol) en ook leuker voor ons om mee te kijken (looking at you, Paw Patrol). Ondertussen kunnen we ook wat ontspannen, nuttigen we soms wat alcohol (ahum), en wordt er aan het eten begonnen.

Tot slot, het avondritueel. Dat is, euh, enigszins ontspoord. Een week geleden was het tamelijk strak, met twee kinderen die vaak wel op een enigszins christelijk uur aan het slapen waren. Tot het afgelopen weekend … Dat eindigde met the Missus in het grote logeerbed en een kind aan elke kant, en vervolgens ging het door met twee huilende kinderen om drie uur ’s nachts, ik bij een huilende Broomie in bed, the Missus bij een huilende Brollie in een ander bed, en uiteindelijk iedereen moe. Lag het aan de paashaas? Lag het aan het tutje van de Brollie dat hij “meegegeven had aan de paashaas”? Worden de kinderen ons beu en gaan ze de regels testen? Of was het een combinatie van al deze dingen?

[Ondertussen is er nog een week voorbij geglibberd, slapen ze terug enigszins goed, al gilt de Broomie wel uit protest als hij erin gaat, en moet de Brollie nog een kwartier tegen ons lullen voor hij echt wil gaan slapen. Om maar te zeggen, van ons mogen de kleuterscholen en/of crèches opnieuw open. Toch op z’n minst voor iets onnozels als de tuincentra en doe-het-zelf-… Oh, nevermind…]

Brollie & Broomie Get (Home)Schooled

Hakuna Matata! […] Zorg maar dat je geniet

De Leeuwenkoning heeft een vaste plaats in de routine van de jongens verworven, sinds die vorige week is aangekocht. Ik zeg nadrukkelijk ‘De Leeuwenkoning’, want voor €13 heb ik van Google enkel de Nederlandstalige audio en geen ondertitels gekregen. Het zou een slechte deal zijn, moest de prijs per vertoning niet al onder de twee euro liggen, en waarschijnlijk nog zakken tot enkele centen op het moment deze crisis gepasseerd is. Al voelt ‘op het moment dat deze crisis gepasseerd is’ niet echt wezenlijk op dít moment. Alles zal anders zijn, daar lijken de meesten het wel over eens. Beter, of slechter, of een genuanceerde combinatie van de twee, of gewoon koffiedik, daar bestaat nog discussie over. Zelf zie ik het niet, voel ik het ook nog niet, hoe de molensteen van de geschiedenis enkele miljoenen levens zal verbrijzelen in haar apathische gemaal van onze samenleving. Of zoiets. Ik wou ‘onafwendbaar gemaal’ schrijven, maar het had natuurlijk enigszins voorkomen kunnen worden. GELUKKIG HEBBEN WE NU STRAALJAGERS DIE NUCLEAIRE BOMMEN KUNNEN DROPPEN!

Ahum.

De crèche heeft haar deuren gesloten voor onze Broomie, dus wij zijn gezellig met z’n vieren thuis. Het is te zeggen. The Missus werkt voltijds thuis, in theorie. In de praktijk werkt ze enkel als ik niet naar mijn werk moet, wat twee dagen per week is. Ze werkt dus voltijds op drie dagen en de restjes die ze bijeen kan schrapen. Ik heb duidelijk weer aan het langste eind getrokken, want ik mag nog af en toe buiten om met andere mensen binnen spuwafstand te praten, en hoef me niet verscheurd te voelen tussen mijn professionele en parentale zelf. Het is niet de comfortabelste situatie voor ons gezin, maar relatief gezien valt er weinig te klagen; we hebben een tuin en het Rivierenhof, we hebben elkaar, en onze kinderen slapen ’s nachts goed én doen meestal ook nog middagdutjes. Oh, en we hebben schatten van kinderen. Daarom kwam u naar deze blog, toch?

IMG_20200329_184725
Long live the Queen?

Brollie en Broomie lijken alleszins weinig te lijden onder deze crisis. Zij hebben ook elkaar, en dat doet veel. Met veel spelen en superschattige knuffels, en ook veel ruzie en elkaar pesten. De Broomie praat meer en meer, waarschijnlijk geholpen door het feit dat de Brollie haast non-stop aan het kwetteren is, tegen hem, tegen ons, tegen zichzelf, in het ijle. Vaak zijn het vreemde, wat onsamenhangende verhalen, opgehangen aan zijn moeder, Frimous, die op zolder woont (niet the Missus, en ook hebben we geen zolder). Wij knikken en glimlachen en vragen hem af en toe toch om stil te zijn. Zeker ’s avonds, als we de Brollie met zachte doch dwingende hand in de richting van zijn bed drijven, al zijn vertragingstactieken ten spijt. Het zijn er veel en ze zijn doorzichtig, die tactieken, beginnende dus bij gewoon te praten en te praten. Uiteindelijk lukt het meestal wel, en hebben the Missus en ik dan nog een uur of twee om op te ruimen, het huishouden te doen en te decompresseren; ja, ons alcoholgebruik is enigszins gestegen, maar we gaan ook flink joggen. Op andere dagen lukt het iets minder (dank u, zomeruur), maakt hij veel kabaal en komen we erachter dat de Broomie als een kleine acrobaat uit zijn bed kan klimmen. Het einde van een tijdperk. Ah, zo voelt dat dus.

Brollie & Broomie and the Terrible, No Good Corona Virus

In tegenstelling tot wat alle motiverende Instagram posts zeggen, heeft de quarantaine ons niet plots de tijd gegeven om alle projecten te doen die we al zo lang uitstelden en alle vaardigheden onder de knie te krijgen die we al zo lang ontberen. Als de school dicht is en de Brollie thuis zit, dan is er niet veel tijd voor iets anders dan kleuterentertainment. Nog een geluk dat de parken open zijn. En dat de Broomie naar de crèche mag. #houtvasthouden

Want hoewel ze elkaar zeer graag zien, de broertjes, hebben ze soms nog moeite met de grenzen van de ander. Zeker als ze moe zijn moeten we de Brollie soms van een huilende Broomie afhalen. Dan kijkt de Brollie ons met onbegrijpende koeieogen aan terwijl we ettelijke keren vragen om van zijn broer te gaan, tot we hem gewoon oppakken en ernaast zetten. Met een dikke pruillip perst de Brollie er vervolgens wat krokodillentranen uit. Dat duurt ongeveer dertig seconden, voor alles weer vergeten is, inclusief de les die hij eruit zou moeten leren. Dat soort zaken gebeurt vooral als ze uitgeput zijn, natuurlijk, en wij er ook een lange dag hebben opzitten. Overdag, als ze nog echt vol energie zitten, lukt het samenspelen goed, soms verrassend goed, met knuffels en poppenkasten en boekjes en torens en stiekem op het toetsenbord van de laptop duwen want dan gebeurt er van alles (zelfs op het inlogscherm).

IMG-20200315-WA0002
Liefde in tijden van pandemie

Toch is één kleuter al meer dan genoeg om vijf weken te entertainen. Dit moet immers veelal individueel, want ofwel ben ik buitenshuis aan het werken en wordt de Brollie geëntertaind door the Missus, ofwel ben ik thuis en propt the Missus haar voltijdse werkweek in de uren die ze dan heeft. Thuiswerken is allemaal goed en wel, maar dat is niet compatibel met een driejarige, laat staan met een twee- én een driejarige. Waarom daar in de berichtgeving zo losjes wordt overgegaan, is me een raadsel. Ondertussen zijn ook de speeltuinen gesloten, en is het dus elk half uur kijken wat we het volgende half uur gaan doen. Dat is ten minste hoe ik het doe; waarschijnlijk niet heel slim. Maar over een week of vijf zit er vast wel enige regelmaat in. Net op tijd voor de zomervakantie.

Die vijf weken zijn nog maar net begonnen en zullen vast nog uitgebreid worden. Het heeft dan ook geen zin om die onmetelijke periode voortdurend te overschouwen, want daar wordt iedereen toch maar hopeloos van. Dag tot dag enkele leuke dingen doen, zonder al te veel verplichtingen, en blij zijn dat de zon schijnt en dat het park open is. En vertederd zijn, want dat gebeurt gelukkig nog zeer geregeld. Wanneer de Broomie meer kusjes vraagt, en er dan giechelend onder bezwijkt. Of wanneer de Brollie ’s avonds zachtjes in zijn bed zit te huilen en dan, als ik vraag wat er is, antwoordt ‘Merlijn heeft mijn kop thee genomen.’ Hij zit rechtop in zijn bed en lijkt er zeer ongelukkig over. “Euh, zullen we morgen een nieuwe kop thee voor jou maken?” Hij knikt, gaat liggen en is aan het slapen voor ik hem helemaal heb ondergestopt. Komt wel goed, denk ik dan.

Brollie & Broomie Carry on

Na onze tamelijk verschrikkelijke vakantie, bracht het nieuwe schooljaar terug wat welgekomen routine; voor de kinderen en the Missus dan toch. Ikzelf ben een beetje in een, euh, quarter life crisis beland (ja, ik ben nog te jong voor die mid life), en ben nu op zoek en op weg naar een nieuw carrièrepad. Leuk en spannend, maar deze blog gaat natuurlijk niet over mij. Edoch, ik ben sinds 1 december werkloos, en mijn tijd met de kinderen is substantieel toegenomen. Geen totaal irrelevante informatie, dus.

De Broomie is nu echt niet langer een baby. Hij wandelt en hij praat. Maar hij heeft ook weinig haar en is nog steeds enorm schattig, en we merken dat we hem een beetje blijven zien als onze kleine baby. Zelfs met die intelligente, guitige blik waardoor het lijkt of hij op elke moment ondeugend is of zal zijn. Over het algemeen kan hij al goed zeggen wat hij wil, en hij blijft ook bijna continu vrolijk, enkele kleine koortsaanvallen daargelaten. Behalve als de Broomie niet blij is, omdat hij niet gezegd krijgt wat hij wil, of omdat hij niet krijgt wat hij wil. Dan is het nog steeds, alsof je een schakelaar omzet, brullen en dikke tranen. Raakt het opgelost, of raakt hij afgeleid, is hij ook direct weer vrolijk, het enige bewijs van zijn stemmingswisseling de grote druppels die op zijn wangen biggelen.

De Brollie is gelijkaardig zeer groot en zeer klein. Hij praat goed en veel, vertelt verhalen, redeneert, kan zijn eigen emoties benoemen en herkent die ook al enigszins bij anderen. (Terzijde: de verhalen die hij vertelde waren maandenlang over zijn papa die opgegeten werd door monsters en dinosaurussen, waarbij de Brollie dan een superheld was en me moest komen redden; in zijn laatste verhaal was ik echter zelf in staat het monster te verslaan, weliswaar met zijn hulp. Hoera?) Maar evengoed raakt hij nog steeds uitgeput en verliest hij dan veel van die capaciteiten. Voor de kerstvakantie was het al duidelijk dat hij nood had aan wat rust. Maar jammer genoeg was dat niet wat de kerstvakantie in de aanbieding had.

IMG_20200108_174036
Begging for scraps

Op de dag van kerstavond, bij de familie van the Missus, op het appartement van haar vader, speelden de Brollie en de Broomie tamelijk goed samen, al duurde het soms lang en werden er af en toe grenzen opgezocht. Maar na een fijne kerstavond, toen de Broomie al goed was gaan slapen, probeerden we de Brollie ook in bed te leggen. Dit in een slaapkamer die enkel door één deur gescheiden werd van het (zeer rustige) feest. Ruim twee uur later, twee uur waarin hij allerlei excuses verzon om toch maar uit bed te komen en ik steeds geïrriteerder werd, hebben we het opgegeven. Zodat hij tegen elf uur nog steeds in de woonkamer aan het rondlopen was, lijkbleek en met grote, donkere wallen, maar wel vrolijk. Niet bepaald bevorderlijk voor de nachtrust.

Kerstmis was beter op dat vlak, omdat we ’s avonds in ons eigen huis sliepen, maar de twee dagen vol aandacht en verwennerij, gevolgd door een periode van slecht weer en algehele uitputting, maakten dat the Missus en ik tegen Oudjaar al uitkeken naar het einde van de vakantie. Oudjaar zelf viel dan weer heel goed mee. We vierden het in ons eigen huis, wat altijd helpt, en de Broomie ging rond half acht vlot slapen. De Brollie mocht deze keer opblijven tot hij omviel, de kerstfrustratie indachtig, maar om half negen besloot hij geheel zelfstandig dat het tijd was om te gaan slapen. En dat deed hij, zonder problemen.

Het blijft zoeken, zo’n kleine kinderen. De eerste schooldag zette ik de Broomie zonder problemen af op de crèche. Toen ik doorging uit het klasje van de Brollie, huilde die dan weer zoals nooit tevoren. (Wel, tot ik enkele dagen later zijn vingers tussen de achterkant van de deur plette, maar dat, opnieuw, terzijde.) En de volgende dag was het afzetten op school allemaal weer geen probleem.

Op dit moment is the Missus op zakenreis naar Roemenië en doe ik de ochtenden en avonden op m’n eentje. Wat blijkt? Het is een eitje!

Vreemde jongens, die Brollie & Broomie …

Brollie & Broomie Have Fun on our Worst Vacation Yet

Ah, vakantie. Die periode van het jaar om te ontspannen, alle stress van je af te laten glijden en volledig in het moment te leven. Natuurlijk ziet vakantie er iets anders uit met twee kleine koters. En, omdat ze zo snel opgroeien, nooit consistent anders. Maar zelfs met die chaotische onzekerheid in ons achterhoofd, is de vakantie van vorige week toch iets slechter uitgevallen dan gepland.

IMG_20190728_154004
Oooooh …

Het begon nochtans zeer goed. Op een zondag vertrokken we bij het ochtendgloren, reden we niet veel later met de auto de trein op en stonden we, nog voor de dag écht van start was gegaan, op een keienstrand aan de andere kant van het Kanaal. Daar kwam de Brollie tot zijn ontzetting neus aan neus te staan met een nieuwsgierige hond en krijste vervolgens, totaal ontdaan, de boel bijeen. Dat zou nog twee keer gebeuren, elke keer tot zijn enorme schrik. Enkele uren rijden, een terrasje met Britse vrienden en een overnachting in een hotel later, vertrokken we naar onze hoofdlocatie: een camping met veel natuur en weinig elektriciteit.

Rijden aan de verkeerde kant van de weg bleek niet moeilijk, zeker niet zo moeilijk als ik had gevreesd. We kwamen dan ook goed aan in ons stenen hol, met één kamer die afgesloten kon worden van de elementen, een badkamer waar de wind doorwoei en een keukentje waar je net een beetje beschutting tegen de regen had. Er was verlichting, maar koken en verwarmen gebeurde op vuur. Leuk concept, maar toch niet zo ideaal als je op vakantie bent met een peuter en een kleuter, zo bleek. Toen het de tweede dag haast voortdurend regende, zagen we ons genoodzaakt om een binnenspeeltuin op te zoeken. Op het moment dat een iets te dikke man in een iets te strak Power Rangers pakje de aanwezige kinderen probeerde te entertainen, konden we niet anders dan twijfelen aan alle keuzes die ons tot dat punt hadden geleid.

img_20190730_112029.jpg
The horror! The horror!

It Gets Worse …

Terug in het huisje legden we de Broomie in bed en zetten we ons in het half beschutte keukentje. Ik maakte een vuurtje in de storm cooker om water te koken voor koffie (instant met massa’s suiker en melkpoeder). Ondertussen viel de Brollie van het stenen bankje op de stenen vloer, pal op zijn voorhoofd. Ik haaste me, onder lichte aanmaning van the Missus, terug naar de auto om zijn tutje te gaan halen. Op dat moment begon het water vervaarlijk te koken. Om te verkomen dat de extra druk het geheel deed exploderen, en toch vooral gericht op haar stevig huilende zoon, nam the Missus de kurken stop vast en trok die eruit. Stoom en kokend water schoten voort uit de opening en op haar hand. Ik kwam terug naar een Brollie die serieus onder de indruk was en the Missus die haar tranen terugbeet. Ze hield haar hand onder stromend water, een tweedegraads brandwonde ter grootte van een kinderhand tussen duim en wijsvinger. Eens terug in België zou blijken dat het deels derdegraads is. Het tutje zat in mijn achterzak, niet in de auto.

… and Worse

Dat was de al dan niet spreekwoordelijke druppel die ons deed besluiten om een comfortabelere uitvalsbasis te vinden. Zo gezegd zo gedaan, de volgende dag laadden we de auto terug in en begonnen we aan onze tocht naar een last-minute AirBnB waar we hopelijk een beetje rust zouden vinden. The Missus is langs de apotheker gegaan om haar wonde toch enigszins te verzorgen. Het deed meer pijn dan ze liet zien. De reis verliep voorspoedig en de stemming was goed. Een korte stop tijdens de middag om een hapje te eten, en dan konden we verder met twee slapende kinderen. Ongeveer een kwartier voor we zouden moeten aankomen, schoven we aan voor een rotonde, op een doorgaande weg. Ik keek een fractie van een seconde opzij, naar the Missus, wat ik wel vaker doe als ik rijd. Toen ik terug naar voren keek, stond de auto voor ons stil, veel te dichtbij. Ik trapte op mijn rem. De knal van de botsing viel samen met de explosie van de airbags en plots hing de auto vol rook en wit poeder. Heel even was alles doodstil. Dan werd het heel luid. De kinderen krijsten, de auto siste en bliepte. Ja, dat kon er ook nog wel bij. Het regende ten minste niet.

Abandon Island

De lage snelheid en goed ingegorde passagiers zorgden ervoor dat enkel de auto’s echt schade leden, de onze en die van de twee voorliggers. Toch, leuk is anders. Iedereen was gelukkig relatief tot heel vriendelijk, en met een taxi geraakten we alsnog op onze bestemming, zij het met veel minder gerief dan gepland. Ons vat, zo begrijpt u vast, was toen wel af. Maar er moesten nog steeds kinderen geëntertained en nu ook verzekerings- en reisbijstandsbureaucratieën doorworsteld. The Missus ging met de Broomie naar het ziekenhuis, om toch even naar hem te laten kijken, en omdat we een beetje vreesden dat hij opnieuw een oorontsteking had. Dat bleek gelukkig niet het geval. De dokter wees the Missus er wel op dat haar brandwonde toch iets professionelere verzorging nodig had. En dan mocht ze ook nog eens een uur rijden met de taxi naar waar ons wrak nu stond, om het gerief dat we nodig hadden te gaan halen. Lang verhaal een beetje ingekort: we mochten terugkeren met de Eurostar, vier zetels in business class. Dat viel mee, al bij al.

Post Script

Gisteren ging the Missus opnieuw met de Broomie naar het ziekenhuis (en de Brollie ging mee, uiteraard), omdat hij al een kleine twee weken met zijn linkerarmpje sukkelde na een banale val van de zetel. Het is gebroken op twee plaatsen. Ah, vakantie.

gebrokenmerlijn
Could use those pints about now.